Sinds 1 februari 2020 maakt het Verenigd Koninkrijk geen deel meer uit van de Europese Unie. De FOD financiën heeft hiervoor een overgangsperiode voorzien waarbij er nog niet veel wijzigt. Deze overgangsperiode loopt op zijn einde. Wat nu na 31 december 2020?

Tot en met 31 december 2020 wijzigt er niets op het vlak van btw en douanekosten. Het wordt duidelijk dat er geen mogelijkheid is tot verlenging van de overgangsperiode. Als er geen andere afspraken meer gemaakt worden, zal het een “harde” brexit worden. Het Verenigd Koninkrijk wordt een ‘derde land’. De intracommunautaire btw-regels vervallen dan van de ene dag op de andere. Ze zullen plaatsmaken op 1 januari 2021 voor de in- en uitvoerregels, en dit zowel inzake btw als inzake douane.

Waarmee rekening houden vanaf 1 januari 2021?

Invoer:

Je zal Belgische btw moeten voldoen, die uiteraard ook aftrekbaar is indien het gaat om een beroepsmatige aankoop. Let op, bij een invoer moet je de btw ‘vooruitbetalen’ aan de douane, nl. op het moment van invoer.

Onder de hypothese dat je als Belgische klant instaat voor de invoer in België zou je moeten voorzien in een EORI-nummer en je vertrouwd maken met de douaneprocedures- en formaliteiten.

Ook zal het niet meer mogelijk zijn om Britse btw via het Belgisch Intervat-portaal terug te vragen.

Uitvoer:

Bij een uitvoer moet je, net zoals bij een intracommunautaire levering, geen Belgische btw aanrekenen. Deze zijn meestal vrijgesteld van btw volgens artikel 39, §§ 1 of 2, van het Btw-Wetboek. De onderneming moet, om de vrijstelling wegens uitvoer te rechtvaardigen, kunnen bewijzen dat de goederen de EU daadwerkelijk hebben verlaten. Dat bewijs kan je leveren door middel van een geheel van documenten (contract, kopie van de verkoopfactuur, vervoersdocument, betalingsdocument, douaneaangifte).

Een intracommunautaire opgave dient niet meer te worden ingediend voor de verkopen naar het VK.

Maar wanneer jij als Belgische leverancier moet instaan voor de invoer in het VK, zal je moeten beschikken over een lokaal EORI-nummer en dien je je te registreren voor btw-doeleinden in het Verenigd Koninkrijk.

Dienstprestaties:

Voor de meeste diensten in een B2B (business tot business)-omgeving verandert er niets. De plaats waar de dienst wordt verondersteld plaats te hebben gevonden, blijft dezelfde.

Verenigd Koninkrijk -> België: de Belgische btw over de dienst blijft verschuldigd. Je moet hem betalen via je periodieke btw-aangiften.

België -> Verenigd Koninkrijk: je onderneming moet geen Belgische btw aanrekenen. De vermelding ‘btw verlegd’ moet je niet meer opnemen op de factuur.

Ook hier vervalt de  intracommunautaire opgave. De intracommunautaire opgave van het 4de kwartaal 2020/december 2020, met daarin de laatste handelingen met het Verenigd Koninkrijk, moet uiterlijk op 20 januari 2021 worden ingediend.

Bij B2C intellectuele of immateriële diensten, zal de plaats van de dienst wel veranderen. Die handelingen vinden plaats daar waar de niet-belastingplichtige ontvanger is gevestigd, wanneer die laatste buiten de Gemeenschap is gevestigd. Indien die handelingen voor een niet-belastingplichtige in het VK worden verricht, zullen zij bijgevolg in het VK plaatsvinden vermits de niet-belastingplichtige ontvanger buiten de Gemeenschap (in het VK) zal zijn gevestigd.

Ook op de MOSS aangiftes is er een impact. Als je elektronische diensten levert aan een particulier in het VK, zal je deze niet meer kunnen opnemen in de MOSS aangifte. Als de plaats van de dienst het VK is en er dus VK btw verschuldigd is, moeten er wel btw aangiftes ingediend worden in het VK en moet er dus een lokaal btw nummer aangevraagd worden. Dit onmiddellijk vanaf het eerste kwartaal 2021.

Het is wel zo dat die aan- en/of verkopen die vrijgesteld zijn onder een andere regeling dan de intracommunautaire regeling er in dergelijke gevallen op de factuur “niet veel wijzigt”. Het zal wel  anders in jouw btw-aangifte gerapporteerd worden. Maar dat is werk voor jouw boekhouder/dossierbeheerder.